de overgang

De overgang: klachten, oorzaken en wat écht helpt

De overgang is een natuurlijke fase in het leven van elke vrouw — maar dat maakt de klachten niet minder ingrijpend. Opvliegers, slaapproblemen, stemmingswisselingen: zo'n 1,3 miljoen vrouwen in Nederland hebben er last van. Toch blijft het onderwerp omgeven door misverstanden, taboes en tegenstrijdige informatie. Dit artikel geeft je een compleet en eerlijk overzicht.

 

Wat is de overgang precies?

De overgang is de periode waarin je lichaam de overstap maakt van vruchtbaar naar niet meer vruchtbaar. Je eierstokken produceren geleidelijk minder hormonen — met name oestrogeen en progesteron — totdat de menstruatie uiteindelijk helemaal stopt.

Het is geen gebeurtenis, maar een proces dat jaren kan duren. Om de verschillende fases te begrijpen, is het handig om de terminologie te kennen:

Perimenopauze. De jaren vóór je laatste menstruatie, waarin je cyclus onregelmatig wordt en de eerste klachten kunnen optreden. Dit kan al beginnen rond je 40e, soms eerder.

Menopauze. Technisch gezien is dit één moment: je allerlaatste menstruatie. Maar je weet pas achteraf wanneer dat was, namelijk als je een jaar lang niet meer ongesteld bent geweest.

Postmenopauze. De periode vanaf een jaar na je laatste menstruatie. De hormoonspiegels zijn nu stabiel laag.

De gemiddelde leeftijd waarop vrouwen in Nederland de menopauze bereiken is 51 jaar. Maar de spreiding is groot: ergens tussen 45 en 55 jaar is normaal. Roken vervroegt de menopauze gemiddeld met een tot twee jaar.

 

Welke klachten horen bij de overgang?

Niet elke vrouw heeft last van overgangsklachten. Ongeveer een kwart heeft nauwelijks klachten, een kwart heeft zulke ernstige klachten dat het dagelijks leven eronder lijdt, en de helft zit daar ergens tussenin.

Opvliegers en nachtzweten

Dit zijn de bekendste klachten: plotselinge warmtegolven die beginnen in je borst of gezicht en zich verspreiden over je lichaam, vaak gevolgd door zweten en soms rillingen. Ze kunnen enkele minuten duren, maar ook een halfuur. Sommige vrouwen hebben er een paar per maand, anderen tientallen per dag.

Ongeveer 80 procent van de vrouwen krijgt opvliegers tijdens de overgang. Ze zijn het hevigst in het eerste jaar na de menopauze en duren gemiddeld drie tot zeven jaar — maar bij sommige vrouwen houden ze meer dan tien jaar aan.

's Nachts worden opvliegers nachtzweten genoemd. Ze verstoren je slaap, soms zo erg dat je doorweekt wakker wordt en je beddengoed moet verschonen.

Slaapproblemen

Slechter slapen in de overgang komt niet alleen door nachtzweten. De hormonale veranderingen beïnvloeden ook direct je slaapkwaliteit. Veel vrouwen hebben moeite met doorslapen of worden vroeg wakker. Slaapproblemen kunnen op hun beurt weer leiden tot vermoeidheid, concentratieproblemen en prikkelbaarheid.

Vaginale klachten

Door de afname van oestrogeen wordt het slijmvlies van de vagina dunner, droger en minder elastisch. Dit kan leiden tot droogheid, jeuk, irritatie en pijn bij het vrijen. Ook blaasontstekingen komen vaker voor. Deze klachten nemen vaak toe naarmate je langer in de postmenopauze bent.

Stemmingsklachten

Stemmingswisselingen, prikkelbaarheid, somberheid en angstgevoelens komen regelmatig voor. De hormonale schommelingen beïnvloeden neurotransmitters in je hersenen. Daarnaast kan de overgang samenvallen met andere ingrijpende levensgebeurtenissen: kinderen die het huis uit gaan, ouders die zorg nodig hebben, of een carrièreomslag.

Het is belangrijk om onderscheid te maken tussen ‘normale' stemmingsklachten bij de overgang en een depressie. Bij aanhoudende somberheid, hopeloosheid of gedachten aan zelfdoding is professionele hulp nodig.

Gewrichts- en spierpijn

Een minder bekende maar veelvoorkomende klacht: stijve, pijnlijke gewrichten, vooral 's ochtends. Oestrogeen heeft een ontstekingsremmend effect, en als dat wegvalt, kunnen gewrichtsklachten toenemen.

Gewichtstoename

Veel vrouwen komen aan in de overgang, vooral rond de buik. Dit komt deels door hormonale veranderingen, deels door het ouder worden (je stofwisseling vertraagt, je spiermassa neemt af). De vetverdeling verandert: minder op heupen en billen, meer rond de buik. Afvallen in de overgang vraagt daarom om een andere aanpak dan voorheen.

Verminderd libido

Minder zin in seks is een klacht waar veel vrouwen mee worstelen maar weinig over praten. Het kan komen door dalende testosteronspiegels, maar ook door vaginale droogheid (seks doet pijn), vermoeidheid, of een veranderd lichaamsbeeld.

Cognitieve klachten

‘Menopauzale mist': vergeetachtigheid, moeite met concentreren, woorden niet kunnen vinden. Veel vrouwen herkennen dit, en het kan beangstigend zijn. Het goede nieuws: deze klachten zijn meestal tijdelijk en geen voorbode van dementie.

 

Waarom krijgt de ene vrouw meer klachten dan de andere?

Dat is niet volledig duidelijk, maar er spelen meerdere factoren mee:

Genetica. Als je moeder vroeg in de overgang kwam of veel klachten had, is de kans groter dat jij dat ook hebt.

Leefstijl. Roken verergert opvliegers en vervroegt de menopauze. Overgewicht geeft meer opvliegers. Weinig bewegen en veel stress werken ook niet in je voordeel.

Psychologische factoren. Vrouwen die de overgang als iets negatiefs zien, rapporteren meer klachten. Dat is geen inbeelding — verwachtingen beïnvloeden daadwerkelijk hoe je klachten ervaart.

Etniciteit. Onderzoek toont verschillen tussen bevolkingsgroepen: vrouwen van Aziatische afkomst lijken minder last te hebben van opvliegers dan vrouwen van Europese of Afrikaanse afkomst. De verklaringen lopen uiteen van voeding tot genetica.

 

Vroege en late overgang

Sommige vrouwen komen veel eerder of later in de overgang dan gemiddeld.

Vroege overgang (POI). Als je menopauze vóór je 40e optreedt, spreken we van premature ovariële insufficiëntie (POI). Dit komt bij 1 tot 2 procent van de vrouwen voor. Oorzaken kunnen genetisch zijn, het gevolg van een auto-immuunziekte, of van behandelingen als chemotherapie of bestraling. POI heeft gevolgen voor de vruchtbaarheid en vraagt om begeleiding door een specialist.

Late overgang. Een menopauze na je 55e komt ook voor en is op zich niet zorgwekkend, maar het is goed om dit met je huisarts te bespreken.

Chirurgische menopauze. Als beide eierstokken worden verwijderd (bijvoorbeeld bij een behandeling voor kanker), val je abrupt in de overgang, ongeacht je leeftijd. De klachten zijn vaak heviger dan bij een natuurlijke overgang.

 

Diagnose: heb ik de overgang?

Bij vrouwen boven de 45 met typische klachten (onregelmatige menstruatie, opvliegers) is de diagnose meestal duidelijk. Bloedonderzoek naar hormoonspiegels (FSH, oestrogeen) is dan niet nodig — de waarden schommelen zo sterk in deze periode dat ze weinig zeggen.

Bij jongere vrouwen, of als de klachten onduidelijk zijn, kan bloedonderzoek wel helpen om andere oorzaken uit te sluiten.

 

Behandeling: wat zijn de opties?

Of je behandeling nodig hebt, hangt af van hoeveel last je hebt. Sommige vrouwen redden zich prima zonder enige behandeling. Anderen hebben zulke ernstige klachten dat hun dagelijks leven eronder lijdt — en dan is behandeling meer dan gerechtvaardigd.

Leefstijl en zelfhulp

Dit is altijd het startpunt, ongeacht of je andere behandeling overweegt:

Bewegen. Regelmatige lichaamsbeweging verbetert veel overgangsklachten: slaap, stemming, gewicht, en mogelijk ook opvliegers. Kies iets wat je volhoudt — wandelen, fietsen, zwemmen, yoga.

Stoppen met roken. Roken verergert opvliegers en is sowieso slecht voor je gezondheid.

Alcohol matigen. Alcohol kan opvliegers uitlokken en verstoort je slaap.

Gezonde voeding. Een voeding rijk aan groenten, fruit, vette vis en volkoren producten ondersteunt je algehele gezondheid. Fyto-oestrogenen (in soja, linzen, kikkererwten) kunnen bij sommige vrouwen een licht effect hebben op opvliegers, maar het bewijs is niet sterk.

Koel slapen. Een koele slaapkamer, dunne lagen beddengoed, en ademende nachtkleding kunnen nachtzweten dragelijker maken.

Stress verminderen. Stress verergert bijna alle overgangsklachten. Mindfulness, yoga en ademhalingsoefeningen kunnen helpen.

Hormoontherapie (HT)

Hormoontherapie — het aanvullen van de hormonen die je eierstokken niet meer maken — is de meest effectieve behandeling voor overgangsklachten. Toch gebruikt slechts 5 procent van de Nederlandse vrouwen het, tegenover 25 tot 40 procent in andere Europese landen. Dat komt deels door angst voor risico's, deels door terughoudendheid bij artsen.

Hoe werkt het? Je krijgt oestrogeen toegediend, meestal in combinatie met progesteron (om het baarmoederslijmvlies te beschermen). Oestrogeen kan via pillen, pleisters, gel of spray. Als je geen baarmoeder meer hebt, is progesteron niet nodig.

Wat doet het? Opvliegers verminderen meestal binnen twee tot zes weken sterk of verdwijnen helemaal. Ook nachtzweten, slaapproblemen, stemmingsklachten en vaginale droogheid verbeteren.

Zijn er risico's? Ja, maar die zijn voor de meeste vrouwen klein — kleiner dan vaak gedacht. Het risico op trombose is licht verhoogd bij pillen, maar niet bij pleisters, gel of spray. Het risico op borstkanker neemt toe bij langdurig gebruik (meer dan vijf jaar), maar het extra risico is vergelijkbaar met dat van overgewicht of dagelijks alcohol drinken.

Voor wie is het geschikt? Hormoontherapie is een goede optie voor vrouwen met hinderlijke overgangsklachten, die jonger zijn dan 60 jaar of minder dan tien jaar geleden hun menopauze hadden. Bij vrouwen met een voorgeschiedenis van borstkanker, trombose of bepaalde hartziekten is het niet geschikt.

Bio-identieke hormonen. Dit zijn hormonen die chemisch identiek zijn aan de hormonen die je lichaam zelf maakt. Ze worden vaak als ‘natuurlijker' gepresenteerd, maar ook bio-identieke hormonen worden in een fabriek gemaakt. Het veiligheidsprofiel lijkt gunstig, maar langetermijnonderzoek is beperkter dan bij reguliere hormoontherapie.

Lokale behandeling voor vaginale klachten

Bij alleen vaginale klachten (droogheid, pijn bij vrijen, terugkerende blaasontstekingen) is lokale oestrogeenbehandeling vaak voldoende: een crème, tablet of ring die je in de vagina inbrengt. De hormonen werken ter plaatse en komen nauwelijks in je bloedbaan. Deze behandeling is veilig voor langdurig gebruik.

Niet-hormonale medicijnen

Voor vrouwen die geen hormonen willen of kunnen gebruiken, zijn er alternatieven — al zijn ze minder effectief:

Antidepressiva. Bepaalde antidepressiva in lage dosering (paroxetine, venlafaxine) kunnen opvliegers verminderen. Ze zijn geen antidepressiva in de traditionele zin, maar beïnvloeden de temperatuurregulatie.

Clonidine. Een bloeddrukverlagend middel dat opvliegers kan verminderen, al is het effect bescheiden.

Gabapentine. Oorspronkelijk een middel tegen epilepsie en zenuwpijn, kan het ook bij opvliegers helpen.

Supplementen en natuurlijke middelen

De schappen in de drogist liggen vol: soja-isoflavonen, rode klaver, zwarte cohosh, sint-janskruid. Het wetenschappelijk bewijs voor deze middelen is zwak tot matig. Sommige vrouwen hebben er baat bij, maar het effect is onvoorspelbaar en meestal bescheiden.

Belangrijk: ‘natuurlijk' betekent niet ‘zonder risico'. Sint-janskruid kan wisselwerken met andere medicijnen, zwarte cohosh kan leverproblemen veroorzaken. Overleg met je huisarts of apotheker voor je begint.

Cognitieve gedragstherapie (CGT)

CGT is een vorm van psychotherapie die helpt om anders met klachten om te gaan. Het vermindert opvliegers niet direct, maar maakt ze minder belastend. Ook voor slaapproblemen en stemmingsklachten is CGT effectief.

 

Wanneer toch maar even naar de huisarts?

Ga naar de huisarts als je de volgende dingen bij jezelf herkent:

  • Je klachten je dagelijks leven verstoren
  • Je slaapproblemen hebt die niet overgaan
  • Je stemmingsklachten hebt die langer dan enkele weken duren
  • Je onverklaarbaar bloedverlies hebt (zeker als je al een jaar niet meer ongesteld was)
  • Je vermoedt dat je een vroege overgang hebt (voor je 40e)
  •  Je vragen hebt over hormoontherapie

De huisarts kan de diagnose bevestigen, onderliggende oorzaken uitsluiten, en je adviseren over de behandeling die bij jouw situatie past. Voor complexe gevallen kan doorverwijzing naar een gynaecoloog of een gespecialiseerde overgangspolikliniek zinvol zijn.

En: maak je je zorgen zonder dat je al deze symptomen bij jezelf herkent? Ook dan is het prima om contact op te nemen je huisarts. Meer informatie kun je ook vinden op Thuisarts.

 

De overgang en werk

Zo'n 30 procent van de vrouwen in de overgang ervaart beperkingen in het dagelijks functioneren — ook op het werk. Toch is de overgang op de werkvloer vaak nog taboe. Praktische aanpassingen kunnen helpen: een ventilator op je bureau, flexibele werktijden, de mogelijkheid om even naar buiten te gaan bij een opvlieger.

Steeds meer werkgevers ontwikkelen beleid rond de overgang. Bespreek het met je leidinggevende als je klachten je werk beïnvloeden — ook al voelt dat misschien ongemakkelijk.

 

Meer lezen over de overgang

Wil je je verder verdiepen? Bekijk dan ons overzicht van de beste boeken over de overgang, met recensies en leestips voor verschillende situaties.

 

De overgang is geen ziekte, maar klachten zijn reëel

De overgang is een natuurlijke fase, geen aandoening. Maar dat betekent niet dat je zomaar moet accepteren dat je jarenlang doorweekt wakker wordt, niet kunt slapen, of pijn hebt bij het vrijen. Er zijn behandelingen die werken. Vraag hulp als je die nodig hebt.

Tegelijkertijd is de overgang ook een nieuw begin. Veel vrouwen ervaren na de overgang juist een gevoel van vrijheid: geen menstruatie meer, geen anticonceptie, een nieuwe fase in het leven. Het is maar net hoe je ernaar kijkt — en hoe goed je klachten onder controle zijn.

 

Bronnen en achtergrond

Dit artikel is geschreven voor informatieve doeleinden en vervangt geen professioneel medisch advies. Raadpleeg bij gezondheidsklachten altijd een arts of erkende zorgverlener. Lees meer in onze disclaimer en over onze werkwijze.

Gebruikte bronnen:

 

Gepubliceerd op 30 november 2025. Laatste review op 6 april 2026, 20:51 door Alex

Op de hoogte blijven van onze nieuwe artikelen?

Schrijf je gratis in voor onze nieuwsbrief over Gezondheid & lifestyle. We sturen je 1x per maand een update als we leuke nieuwe artikelen voor je hebben geplaatst. Anders niet.

We respecteren je privacy. Geen spam, uitschrijven kan altijd.

Avatar foto
Alex

Alex is medeoprichter en auteur van Gezondermeer.nl, waar hij sinds 2021 schrijft over gezondheid. Hij heeft een academische opleiding op Masterniveau (MSc), maar niet in een medisch vakgebied. Juist daarom staat brongebruik centraal: gezondheidsonderwerpen toetst hij zo goed mogelijk aan beschikbare wetenschap, richtlijnen en praktijkervaring.

De onderwerpen waar Alex het liefst over schrijft, hebben te maken met persoonlijke ervaring. Met de jaren komen gezondheidsthema's namelijk vanzelf dichterbij, van ouder worden en leefstijlvragen tot een chronische aandoening binnen zijn gezin (diabetes type 1). Hij schrijft regelmatig over diabetes, verpleegkundige methodologie, de toepassing van AI, biohacking en de overgang. Het snijvlak van technologie en gezondheid is waar hij zich het meest thuis voelt.

Artikelen: 384